ECLI:NL:GHAMS:2010:BP0607
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- W.J. Noordhuizen
- G.B.C.M. van der Reep
- G.C.C. Lewin
- Rechtspraak.nl
Voorkeursrecht huurder bij verkoop pand als onderdeel vastgoedportefeuille
De huurder [Appellant] had een voorkeursrecht om het gehuurde pand te kopen indien de verhuurder het wilde verkopen. RAM Properties, rechtsopvolger van de verhuurder, verkocht het pand als onderdeel van een vastgoedportefeuille aan een derde zonder het pand eerst aan de huurder aan te bieden conform het beding in de huurovereenkomst.
De kantonrechter oordeelde dat RAM Properties niet tekortgeschoten was in de nakoming van het voorkeursrecht, omdat het aanbod aan de huurder niet als een geldig aanbod werd gezien en onvoldoende schade was vastgesteld. Het hof vernietigt dit oordeel en stelt dat RAM Properties wel tekortgeschoten is, omdat het pand niet eerst aan de huurder is aangeboden en de huurder twee weken bedenktijd had moeten krijgen.
Het hof overweegt dat de prijs waarvoor het pand als onderdeel van de portefeuille is verkocht niet zonder meer bepalend is voor de marktwaarde van het pand en dat redelijkheid en billijkheid meebrengen dat partijen in redelijke onderhandeling zouden zijn getreden. Het hof veroordeelt RAM Properties tot vergoeding van de schade die de huurder heeft geleden of zal lijden, nader op te maken bij staat, en tot betaling van proceskosten.
Uitkomst: RAM Properties is tekortgeschoten in de nakoming van het voorkeursrecht en veroordeeld tot schadevergoeding aan de huurder.