ECLI:NL:GHAMS:2011:BQ1828
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- E.A.G. van der Ouderaa
- J. den Boer
- H.E. Kostense
- Rechtspraak.nl
Bevestiging rechtbankuitspraak over tijdigheid aanslag 2003 en aftrekbaarheid kosten 2002
Het geschil betreft twee hoofdvragen: of de aanslag vennootschapsbelasting 2003 tijdig is opgelegd en of de inspecteur terecht een correctie heeft aangebracht op de aftrekbare kosten van 2002. De rechtbank had eerder de aanslag 2003 verminderd en het verlies 2002 vastgesteld, maar de inspecteur ging in hoger beroep.
Het Hof stelt vast dat accountantskantoor D uitstel voor de aangifte 2003 heeft gevraagd en gekregen namens belanghebbende, ook al was er discussie over de volmacht. De Belastingdienst mocht redelijkerwijs aannemen dat accountantskantoor D gemachtigd was, waardoor de aanslag 2003 tijdig is opgelegd.
Ten aanzien van de kosten van 2002, waaronder huurauto’s, schoolgelden en woninghuur, oordeelt het Hof dat belanghebbende de bewijslast niet heeft voldaan. De betalingen aan werknemers O. en P. zijn onvoldoende onderbouwd en stroken niet met de overgelegde loonbelastinggegevens. Hierdoor zijn de kosten niet aftrekbaar.
Het Hof verklaart het hoger beroep ongegrond en bevestigt de uitspraak van de rechtbank. Er worden geen proceskosten toegekend. De uitspraak is gedaan door de belastingkamer van het Gerechtshof Amsterdam op 7 april 2011.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.