ECLI:NL:GHAMS:2011:BQ9592
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- D.B. Bijl
- E.M. Vrouwenvelder
- J.T. Sanders
- Rechtspraak.nl
Bevestiging navorderingsaanslagen wegens ontbreken winstverwachting paardenfokkerijactiviteiten
Belanghebbende voerde jarenlang verlies uit paardenfokkerijactiviteiten op in zijn belastingaangiften. De inspecteur stelde echter dat deze activiteiten geen onderneming vormden omdat vanaf het begin geen positief resultaat te verwachten viel. Navorderingsaanslagen werden opgelegd voor de jaren 1999 tot en met 2002.
De rechtbank verklaarde de beroepen van belanghebbende ongegrond en het hof bevestigt dit oordeel. Het hof overweegt dat het niet aannemelijk is dat de inspecteur aan de juistheid van de aangiften met negatieve resultaten behoorde te twijfelen, omdat het lijden van verliezen in de beginfase van een onderneming niet ongebruikelijk is. Toch is op grond van feitenonderzoek gebleken dat de paardenfokkerij geen duurzame bron van inkomen was.
Belanghebbende stelde dat de hypotheekrente eigen woning deels ten laste van de onderneming was gebracht, maar het hof vindt dit niet aannemelijk. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er worden geen proceskosten aan belanghebbende opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de navorderingsaanslagen bevestigd.