ECLI:NL:GHAMS:2011:BU9560
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging vonnis inzake medische fout pericardpunctie met complicatie rechterhartkamer
In deze zaak is in hoger beroep het vonnis van de rechtbank bevestigd waarbij de stichting Kennemer Gasthuis niet aansprakelijk werd gehouden voor de complicatie tijdens een pericardpunctie bij eiser [K.]. De ingreep vond plaats op 22 juni 2005 en leidde tot een beschadiging van de rechterhartkamer, een bekende en relatief vaak voorkomende complicatie.
Eiser stelde dat de fout vermijdbaar was en te wijten aan onvoldoende ervaring en manuele vaardigheid van de behandelend cardioloog. Het hof oordeelde echter dat uit het deskundigenrapport van prof. dr. Van Hemel blijkt dat deze complicatie inherent is aan de ingreep en niet per definitie wijst op onzorgvuldig handelen. De stelling van eiser dat de katheter niet adequaat werd gecontroleerd na de ingreep werd eveneens verworpen.
De klachtencommissie had eerder geoordeeld dat het niet adequaat reageren van de arts-assistent op signalen van verpleegkundigen geen invloed had op de behandeling. Het hof concludeerde dat eiser onvoldoende feiten had aangevoerd om aansprakelijkheid aan te tonen. Het bestreden vonnis werd bekrachtigd en eiser werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst de vordering van eiser af wegens het ontbreken van een vermijdbare fout.