ECLI:NL:GHAMS:2012:BV7471
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- E.M. Vrouwenvelder
- B.A. van Brummelen
- D.B. Bijl
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffingsaanslag omzetbelasting wegens intracommunautaire verwerving pleziervaartuig
Belanghebbende bestelde en betaalde een pleziervaartuig rechtstreeks bij de Italiaanse werf A, waarbij B B.V. als distributeur optrad. Het hof oordeelde dat belanghebbende reeds voor het vervoer naar Nederland de macht had om als eigenaar over het schip te beschikken, waardoor sprake is van een intracommunautaire verwerving in Nederland.
De inspecteur legde een naheffingsaanslag omzetbelasting op, welke belanghebbende betwistte. Het hof verwierp het beroep op het Besluit van 23 december 1994 (casus 2c) omdat niet aannemelijk was gemaakt dat de koopovereenkomst met A was ontbonden en dat A het schip aan B had geleverd.
Verder oordeelde het hof dat de inspecteur niet tekort was geschoten in het overleggen van stukken en dat het verdedigingsbeginsel niet was geschonden. Ook was er geen sprake van dubbele heffing van omzetbelasting.
Het hof wees verzoeken om getuigen te horen af, omdat het dossier voldoende was voor beoordeling. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag omzetbelasting bevestigd.