ECLI:NL:GHAMS:2012:BV9881
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep belastingaanslagen en boetebeschikkingen met compromis over buitenlands vermogen
Belanghebbende was in beroep gegaan tegen navorderingsaanslagen inkomstenbelasting, premie volksverzekeringen en premie ziekenfondswet over de jaren 2001 tot en met 2003, alsmede tegen bijbehorende boetebeschikkingen. De rechtbank had het beroep ongegrond verklaard, waarna belanghebbende hoger beroep instelde bij het Gerechtshof Amsterdam.
Tijdens de zitting op 21 februari 2012 bereikten partijen een compromis. Daarbij bleef alleen de navorderingsaanslag IB/PVV 1996 in stand, maar zonder de daarin begrepen verhoging, waardoor een te betalen bedrag van f 2.336 resteerde. De overige navorderingsaanslagen en boetes werden vernietigd, en de aanslagen en boetes van 2003 tot en met 2008 werden verminderd zodat bedragen gerelateerd aan banktegoeden in Duitsland en Luxemburg niet meer in de grondslag waren opgenomen. Ook werden de beschikkingen heffingsrente dienovereenkomstig vernietigd of verminderd.
Het Hof vernietigde de uitspraak van de rechtbank en de uitspraken op bezwaar, en paste de aanslagen en boetes aan conform het compromis. Belanghebbende zag af van immateriële schadevergoeding, proceskostenvergoeding en griffierecht. De uitspraak werd op 15 maart 2012 in het openbaar uitgesproken door de belastingkamer van het Gerechtshof Amsterdam.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard en de navorderingsaanslagen en boetebeschikkingen zijn vernietigd of verminderd conform het compromis.