ECLI:NL:GHAMS:2012:BW4975
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- A.P.M. van Rijn
- A.D.R.M. Boumans
- J.P. Kruimel
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen WOZ-waarde woning en griffierechtvergoeding
Belanghebbende stelde in hoger beroep dat de WOZ-waarde van haar woning te hoog was vastgesteld en dat onterecht geen griffierecht werd vergoed. De heffingsambtenaar had de waarde bepaald op €470.000, gebaseerd op een taxatierapport met vergelijkingsobjecten. Belanghebbende voerde achterstallig onderhoud aan en een beroep op het gelijkheidsbeginsel.
Het Hof oordeelde dat de heffingsambtenaar voldoende rekening had gehouden met de staat van onderhoud door een lagere prijs per kubieke meter toe te passen dan bij vergelijkbare woningen. Belanghebbende bracht geen concrete feiten aan die dit tegenspraken. Ook het ontbreken van een inpandige taxatie was geen reden om de waarde te verlagen.
Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde omdat niet aannemelijk was gemaakt dat in de meerderheid van vergelijkbare gevallen onjuiste waarderingen plaatsvonden. Wel werd vastgesteld dat belanghebbende ten onrechte niet is gehoord in de bezwaarfase en dat de rechtbank had moeten gelasten tot vergoeding van het griffierecht. Het Hof vernietigde daarom het vonnis van de rechtbank en veroordeelde de heffingsambtenaar tot vergoeding van het griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: De WOZ-waarde van €470.000 wordt bevestigd en de heffingsambtenaar wordt veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht.