ECLI:NL:GHAMS:2012:BW5069
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- E.M. Vrouwenvelder
- B.A. van Brummelen
- G.D. van Norden
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake gezamenlijke exploitatie en ondernemerschap van prostitutiebedrijf Nachtclub B
Het geschil betreft de vraag of X1 B.V., Maatschap X2 en Stichting X3 gezamenlijk als één ondernemer moeten worden aangemerkt voor de heffing van omzetbelasting over de exploitatie van het prostitutiebedrijf Nachtclub B.
De rechtbank had eerder geoordeeld dat deze partijen niet als één ondernemer konden worden beschouwd, mede omdat zij ieder op eigen naam facturen verstuurden, eigen bankrekeningen hadden en eigen jaarrekeningen opstelden. Het Gerechtshof Amsterdam vernietigt deze uitspraak en stelt dat de partijen gezamenlijk het bedrijf exploiteerden en jegens klanten als één entiteit optraden.
Het Hof baseert zich op de samenwerkingsovereenkomst, de vergunningen, het toezicht op het bedrijf, de gezamenlijke besluitvorming over exploitatie en het feit dat klanten één bedrag betaalden aan het bedrijf. De vergoeding die de BV ontving voor faciliteiten doet hieraan niet af.
Het Hof verwijst naar relevante bepalingen uit de Wet op de omzetbelasting 1968 en de Algemene Politieverordening en overweegt dat de partijen gezamenlijk als één ondernemer moeten worden aangemerkt. Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.
Uitkomst: Het hof vernietigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep ongegrond, waardoor de naheffingsaanslag omzetbelasting terecht aan belanghebbenden tezamen is opgelegd.