ECLI:NL:GHAMS:2012:BY1188
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen aanmaningskosten verzuimboete vennootschapsbelasting
Belanghebbende kreeg een aanmaning tot betaling van aanmaningskosten voor een verzuimboete wegens het niet tijdig doen van aangifte vennootschapsbelasting 2006. De boete was echter vóór de datum van de aanmaning betaald. Belanghebbende maakte bezwaar tegen de aanmaningskosten, maar werd door de rechtbank niet-ontvankelijk verklaard. Het Hof oordeelt dat het beroep ten onrechte niet-ontvankelijk is verklaard, omdat het hogerberoepschrift aan de vereisten voldeed.
Het Hof stelt vast dat op grond van artikel 2 Kostenwet Pro invordering rijksbelastingen de aanmaningskosten verschuldigd zijn zodra de aanmaning wordt verzonden. De beleidsregel in de Leidraad Invordering biedt een begunstiging die alleen door vernietiging van de beschikking kan worden geëffectueerd. Omdat de beschikking aanmaningskosten niet is vernietigd, heeft belanghebbende wel degelijk belang bij het beroep.
Het Hof vernietigt de uitspraak van de rechtbank en de beschikking aanmaningskosten, verklaart het beroep gegrond en veroordeelt de ontvanger in de proceskosten van belanghebbende. Vergoeding van de kosten van bezwaar wordt niet toegekend omdat de ontvanger geen verwijt treft. Het Hof benadrukt dat belanghebbende geen onredelijk gebruik van procesrecht heeft gemaakt.
Uitkomst: Het Hof vernietigt de beschikking aanmaningskosten en verklaart het beroep gegrond met vergoeding van proceskosten.