ECLI:NL:GHAMS:2012:BZ3727
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake onrechtmatige daad werkgever en schade werknemer door strafrechtelijk onderzoek
De werknemer was betrokken bij een strafrechtelijk onderzoek van de FIOD/ECD vanwege praktijken bij de import van knoflook door zijn werkgever, een internationale groothandel. Hij vorderde onder meer een verklaring voor recht dat de werkgever onrechtmatig had gehandeld door hem opdrachten te geven die tot misdrijven leidden, en schadevergoeding voor immateriële schade, kosten rechtsbijstand en reputatieschade.
De kantonrechter kende een beperkte immateriële schadevergoeding toe en een deel van de gevorderde kosten, maar wees de overige vorderingen af. Het hof bevestigde dat de werkgever niet onrechtmatig had gehandeld door opdrachten te verstrekken, dat de zorgplicht uit artikel 7:658 BW Pro niet van toepassing was, en dat de gevorderde schadevergoeding passend was. Verder oordeelde het hof dat er geen sprake was van misbruik van procesrecht door de werkgever en dat de gevorderde buitengerechtelijke kosten niet voldoende waren onderbouwd.
Het hof bekrachtigde het vonnis van de kantonrechter en wees het vermeerderde hoger beroep van de werknemer af. Beide partijen werden veroordeeld in de proceskosten van respectievelijk het principaal en incidenteel appel.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter en wijst het vermeerderde hoger beroep van de werknemer af.