ECLI:NL:GHAMS:2012:BZ3765
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Rechtsgeldige ontbinding van koopovereenkomst ondanks vormvoorschriften
In deze zaak staat centraal of appellante de koopovereenkomst van augustus 2008 rechtsgeldig heeft ontbonden wegens het niet verkrijgen van financiering. Appellante stelde dat zij tijdig en rechtsgeldig een beroep had gedaan op de ontbindende voorwaarde in de koopovereenkomst, terwijl geïntimeerden dit betwistten.
Het hof oordeelde dat appellante de bewijslast droeg voor het tijdig en rechtsgeldig inroepen van de ontbinding. Uit bewijs, waaronder een geluidsopname van een gesprek tussen de makelaar en de hypotheekadviseur, bleek dat de makelaar op 18 september 2008 op de hoogte was van het niet verkrijgen van financiering en dit als een beroep op ontbinding moest begrijpen. De latere formele mededelingen voldeden niet aan de strikte vormvereisten, maar het hof vond dat deze eisen naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet in de weg stonden.
Geïntimeerden hadden bovendien een tweede koopovereenkomst laten opstellen en ondertekend, wat het standpunt van appellante versterkte. De rechtbank had appellante eerder niet ontvankelijk verklaard, maar het hof vernietigde dit oordeel en verklaarde de koopovereenkomst rechtsgeldig ontbonden. De vorderingen van geïntimeerden tot betaling van de contractuele boete en schadevergoeding werden afgewezen. Proceskosten werden aan geïntimeerden opgelegd, met uitzondering van de kosten van het conservatoir beslag wegens gebrek aan specificatie door appellante.
Uitkomst: De koopovereenkomst is rechtsgeldig ontbonden door appellante en de vorderingen van geïntimeerden worden afgewezen.