ECLI:NL:GHAMS:2013:CA3112
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- J.H. Huijzer
- G.B.C.M. van der Reep
- J.C.W. Rang
- Rechtspraak.nl
Geen duurzame gemeenschappelijke huishouding tussen vader en zoon bij huurwoning
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of het samenwonen van appellant met zijn vader in een gehuurde woning kon worden aangemerkt als een duurzame gemeenschappelijke huishouding. Het hof concludeerde op basis van processtukken en verklaringen dat de duurzaamheid ontbrak. Appellant had geen overtuigende verklaring voor zijn inschrijving als woningzoekende en het reageren op woningaanbiedingen, wat wijst op een praktische oplossing en geen duurzame verbondenheid.
Appellant verzorgde zijn vader, die leed aan COPD, en bood mantelzorg, maar het hof vond dat dit niet leidde tot een duurzame huishouding. De relatie met zijn ex-vrouw en andere persoonlijke omstandigheden beïnvloedden zijn keuze om bij zijn vader te wonen. De kantonrechter had de vordering van appellant afgewezen en die van Eigen Haard toegewezen; dit vonnis werd door het hof bekrachtigd.
Het hof verlengde echter de ontruimingstermijn tot zes maanden vanwege de lange periode dat appellant in de woning had gewoond, zodat hij vervangende woonruimte kon zoeken. De kosten van het hoger beroep werden aan appellant opgelegd en de veroordeling werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst de vordering van appellant af met een ontruimingstermijn van zes maanden.