ECLI:NL:GHAMS:2013:CA3437
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verzuimboete wegens te late betaling motorrijtuigenbelasting
Belanghebbende was houder van een personenauto waarvoor motorrijtuigenbelasting verschuldigd was over het tijdvak 30 mei 2011 tot en met 29 augustus 2011. De inspecteur legde een naheffingsaanslag van €111 en een boete van €49 op wegens niet-tijdige betaling.
Na bezwaar en een ongegrond verklaard beroep bij de rechtbank, stelde belanghebbende hoger beroep in bij het Gerechtshof Amsterdam. Het hof bevestigde dat de belasting volgens de Wet MRB bij aanvang van het tijdvak voldaan moet zijn en dat belanghebbende zelf verantwoordelijk is voor tijdige betaling, ook als de uiterste betaaldatum op de rekening later ligt.
Het hof oordeelde dat de inspecteur niet verplicht was een herinnering te sturen en dat de boete passend was, mede gezien een eerdere verzuimmededeling. Het verzoek tot vergoeding van (verlet)kosten werd afgewezen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de verzuimboete van €49 bevestigd.