Uitspraak
[appellant],
VERENIGING BELANGENBEHARTIGING PARTICIPANTEN HUNGRY EYE C.V. 9,
Gerechtshof Amsterdam
In deze civiele zaak zijn de besloten vennootschap Dutch Film Finance B.V. en andere appellanten in hoger beroep gekomen tegen een vonnis van de rechtbank Amsterdam waarin zij hoofdelijk werden veroordeeld tot schadevergoeding aan de Vereniging Belangenbehartiging Participanten Hungry Eye C.V. De rechtbank had een voorschot op deze schadevergoeding toegekend en het vonnis uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
De appellanten stelden een incidentele vordering in tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het vonnis voor zover het bedrag boven € 725.000,- uitkomt, vanwege een aanzienlijk restitutierisico. Het hof overwoog dat schorsing van tenuitvoerlegging alleen mogelijk is bij misbruik van executiebevoegdheid, bijvoorbeeld bij een duidelijke juridische of feitelijke misslag of bij een noodtoestand door tenuitvoerlegging.
Het hof constateerde dat geen sprake was van een misslag of noodtoestand en dat het restitutierisico onvoldoende was voor schorsing. De Vereniging had bovendien toegezegd geen verdere executiemaatregelen te treffen totdat het hoger beroep definitief was beslist. Daarom wees het hof de incidentele vordering af en zag geen aanleiding tot zekerheidstelling.
De zaak is verwezen naar de rol voor het nemen van een memorie van antwoord door de Vereniging, met verdere beslissing aangehouden tot het eindarrest.
Uitkomst: De incidentele vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging en zekerheidstelling wordt afgewezen.