ECLI:NL:GHAMS:2014:4562
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging tussentijdse beëindiging schuldsaneringsregeling wegens niet vermelde belastingschuld kinderopvangtoeslag
Het gerechtshof Amsterdam heeft op 7 oktober 2014 het vonnis van de rechtbank Amsterdam vernietigd waarin de tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling voor [X] c.s. was uitgesproken. De rechtbank had de regeling beëindigd omdat een belastingschuld betreffende kinderopvangtoeslag over 2009 niet was vermeld bij toelating, terwijl deze schuld al bestond.
In hoger beroep bleek dat deze schuld direct na toelating aan de bewindvoerder was gemeld en opgenomen in de verslagen, zonder dat de rechtbank hierop had gereageerd gedurende drie jaar. Bovendien was onduidelijk of de toelatingsrechter het verzoek tot toelating tot de schuldsanering bij bekendheid van deze schuld zou hebben afgewezen, mede gezien de gewijzigde omstandigheden van schuldenaren.
Het hof oordeelde dat het onthouden van de schone lei aan [X] c.s. onterecht was en vernietigde het vonnis voor zover zij tekortkoming in de nakoming van verplichtingen werd vastgesteld. De zaak werd terugverwezen naar de rechtbank voor verdere afdoening met inachtneming van het arrest.
Uitkomst: Het hof vernietigt de tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling en stelt vast dat schuldenaren niet tekortgeschoten zijn in hun verplichtingen.