Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
proces-verbaal
[X] , te [Z] , belanghebbende,
de inspecteur van de Belastingdienst, de inspecteur.
Beslissing
Gronden
Hetgeen belanghebbende in hoger beroep heeft aangevoerd werpt geen nieuw of ander licht op de zaak.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Amsterdam
In deze bestuursrechtelijke zaak ging het om een hoger beroep tegen een uitspraak van de rechtbank Noord-Holland inzake navorderingsaanslagen en boetes opgelegd aan belanghebbende wegens niet opgegeven buitenlandse vermogensbestanddelen.
De rechtbank had geoordeeld dat bij een procedure die uitsluitend betrekking heeft op een boetebeschikking, geen grond bestaat voor toekenning van immateriële schadevergoeding naast boetematiging wegens overschrijding van de redelijke termijn. De rechtbank matigde de boetes met 20% wegens overschrijding van de redelijke termijn, maar wees het verzoek om immateriële schadevergoeding af.
Het hof heeft zich bij deze beoordeling aangesloten en de uitspraak van de rechtbank bekrachtigd. Het hof overwoog dat het beroep uitsluitend betrekking heeft op de boetes en dat het aangevoerde geen nieuw licht op de zaak werpt. Daarnaast wees het hof een veroordeling in de proceskosten af.
De uitspraak werd mondeling gedaan op 29 oktober 2015 door de belastingkamer van het Gerechtshof Amsterdam, waarna schriftelijke bevestiging volgde. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken beroep in cassatie worden ingesteld bij de Hoge Raad der Nederlanden.
Uitkomst: Het hof bevestigt de afwijzing van immateriële schadevergoeding naast boetematiging wegens overschrijding van de redelijke termijn.