Uitspraak
14 november 2012, 13 september 2013, 30 januari 2014, 11 februari 2014, 16 september 2014,
1 december 2014, 3 december 2014 en 16 februari 2015, en, overeenkomstig het bepaalde bij
artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzittingen in eerste aanleg.
“die wilde samenwerken, die groot wilde worden, die rijk wilde worden en bereid was betalingen te verrichten”. De verdachte had volgens de medeverdachte [medeverdachte 1] een faciliterende rol en hij werd daarvoor betaald.
facturen te sturen”.
1.
2.
- vijf valse facturen van [rechtspersoon 5] gericht aan [rechtspersoon 1] ten bedrage van in totaal Fl. 1.100.000 (exclusief btw) (D-1964 en D-1934 en D-1935 en D-1936 en D-1937), en
- een valse factuur van [rechtspersoon 6] gericht aan [rechtspersoon 1] ten bedrage van Fl. 300.000 (exclusief btw) (D-1973),
3.
16 (zestien) maandenpassend en geboden.
gevangenisstrafvoor de duur van
16 (zestien) maanden.
mr. R. Cozijnsen en mr. M.E. Olthof, griffiers, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 27 februari 2015.