Uitspraak
Onderzoek van de zaak
Tenlastelegging
Vonnis waarvan beroep
Geldigheid van de dagvaarding
verrichtenvan handelingen als naar het
nalatendaarvan. In het derde lid van dit artikel, dat ziet op bedrijfsmatig handelen, wordt echter uitdrukkelijk alleen gesproken over het
verrichtenvan handelingen. Onder een verbod tot het verrichten van handelingen als bedoeld in artikel 10, derde lid, van de Wet milieubeheer dient naar de kennelijke bedoeling van de wetgever niet tevens het nalaten van handelingen te worden verstaan. Het onder feit 1 sub b ten laste gelegde deel ‘(telkens) bedrijfsmatige handelingen met afvalstoffen heeft/hebben nagelaten, immers heeft/hebben zij, verdachte en/of haar mededader(s) uit/in een te slopen flatgebouw of delen daarvan, niet eerst alle asbest of asbesthoudende producten verwijderd, voordat (delen van) dat gebouw werd(en) gesloopt, (...)’ kan naar het oordeel van het hof dan ook niet worden gebracht onder de reikwijdte van artikel 10.1, derde lid, van de Wet milieubeheer.
Het standpunt van de advocaat-generaal
Het standpunt van de verdediging
Relevante feiten en omstandigheden
Bewijsoverwegingen
Bewijsoverwegingen met betrekking tot feit 1
Overwegingen met betrekking tot feit 2
Bewezenverklaring
Strafbaarheid van het bewezen verklaarde
Strafbaarheid van de verdachte
Oplegging van straffen
Toepasselijke wettelijke voorschriften
BESLISSING
geldboetevan
€ 7.500,00 (zevenduizend vijfhonderd euro).
geldboetevan
€ 22.500,00 (tweeëntwintigduizend vijfhonderd euro).