ECLI:NL:GHAMS:2016:5845
Gerechtshof Amsterdam
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Bevestiging schuldheling en niet-ontvankelijkheid benadeelde partij in schadevordering
In deze strafzaak ging het hoger beroep over een vonnis van de politierechter waarin verdachte werd veroordeeld voor schuldheling. Het gerechtshof Amsterdam heeft het vonnis van de politierechter bevestigd, behalve ten aanzien van de beslissing op de schadevordering van de benadeelde partij.
De benadeelde partij had een schadevergoeding van €1.327,89 gevorderd, waarvan in eerste aanleg €612,49 werd toegewezen. In hoger beroep heeft de benadeelde partij zich niet opnieuw gevoegd. Het hof oordeelde dat onvoldoende is komen vast te staan dat de schade rechtstreeks door het handelen van verdachte is veroorzaakt, zodat de benadeelde partij niet-ontvankelijk is in haar vordering en deze bij de burgerlijke rechter moet worden ingediend.
Daarnaast heeft het hof bepaald dat de tijd die verdachte in voorarrest heeft doorgebracht, in mindering wordt gebracht op de opgelegde taakstraf volgens de maatstaf van twee uur taakstraf per dag voorarrest, voor zover deze tijd niet reeds in mindering is gebracht op een andere straf.
Het arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam en uitgesproken op 24 juni 2016.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de schuldhelingvonnis en verklaart de benadeelde partij niet-ontvankelijk in haar schadevordering.