Uitspraak
1.Het geding in hoger beroep
2.Feiten
“Bewoner [adres 4] . Er is sprake van wisselende bewoning Nieuwe 3x gezien.”
Mijn vriend ( [B] ) is
Gerechtshof Amsterdam
Appellant huurde een woning van Eigen Haard op basis van een tijdelijke jongerenhuisvestingsovereenkomst. Eigen Haard vermoedde dat appellant de woning niet als hoofdverblijf gebruikte en stelde een onderzoek in, waarbij bleek dat anderen de woning bewoonden en appellant niet aanwezig was bij meerdere bezoeken.
De voorzieningenrechter oordeelde dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij zijn hoofdverblijf in de woning had en wees de vordering tot ontruiming en betaling van de contractuele boete toe. In hoger beroep betwistte appellant dit oordeel, maar het hof bevestigde dat het bewijs en de omstandigheden het vermoeden van opgave van hoofdverblijf rechtvaardigen en dat appellant dit niet heeft weerlegd.
Ten aanzien van de contractuele boete overwoog het hof dat het beding ambtshalve moet worden getoetst aan de richtlijn 93/13/EEG over oneerlijke bedingen. Omdat Eigen Haard zich hierover niet heeft uitgelaten en niet is verschenen in hoger beroep, kon dit onderzoek niet volledig plaatsvinden. Daarom vernietigde het hof het vonnis voor zover het de boete betreft, maar bekrachtigde het de ontruimingsvordering. Appellant werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Ontruiming toegewezen, boetevordering vernietigd wegens onvoldoende onderzoek naar oneerlijkheid beding.