Uitspraak
1.Het geding in hoger beroep
2.Stukken van het geding
3.Feiten
3 september 2014 (hierna: de vaststellingsovereenkomst).
€ 145.000,00.
Gerechtshof Amsterdam
In deze civiele zaak staat de klacht van klaagster tegen een notaris centraal die medewerking verleende aan het vestigen van een tweede hypotheek zonder schriftelijke toestemming van de eerste hypotheekhouder, ondanks een eerder overeengekomen bezwaringsverbod.
Klaagster had alle aandelen in een vennootschap gekocht en er was een koopovereenkomst met een bezwaringsverbod opgenomen. Na het vestigen van de eerste hypotheek werd zonder haar toestemming een tweede hypotheek gevestigd door een andere partij. Klaagster stelde dat de notaris hiermee niet handelde zoals van een redelijk bekwaam notaris mag worden verwacht.
De notaris voerde aan dat hij op grond van bijzondere omstandigheden, waaronder een depotbeding dat zekerheid bood, zijn medewerking mocht verlenen. Het hof oordeelde echter dat het depotbeding geen rechtvaardiging bood, omdat beslag op het depot mogelijk was en de rechten van klaagster door het tweede hypotheekrecht werden geschaad.
Het hof bevestigde de eerdere beslissing van de tuchtrechter dat de klacht gegrond was en legde de notaris een waarschuwing op. Tevens wees het hof het verzoek van klaagster tot kostenveroordeling af wegens het ontbreken van grondslag in de tuchtprocedure.
Uitkomst: De klacht tegen de notaris is gegrond verklaard en de notaris is gewaarschuwd wegens medewerking aan vestiging tweede hypotheek zonder toestemming eerste hypotheekhouder.