ECLI:NL:GHAMS:2017:2734
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake huurovereenkomst en rechtsopvolging verhuurder bedrijfsruimte
In deze civiele zaak staat een geschil omtrent een huurovereenkomst van een bedrijfsruimte centraal. De huurder DKW is in de plaats getreden van de oorspronkelijke huurder en exploiteert een kinderdagverblijf. De verhuurder Ymere heeft het gehuurde na het bestreden eindvonnis in eigendom overgedragen aan Danzep PML.
DKW verzocht het hof om het geding te schorsen zodat Danzep PML zich kan uitlaten over voortzetting of toetreding tot de procedure, en om Danzep PML als partij toe te laten. Het hof overweegt dat schorsing ingevolge artikel 225 Rv Pro alleen door de partij of haar rechtsopvolger kan worden ingeroepen, en wijst het verzoek van DKW af. Ook de oproeping van Danzep PML op grond van artikel 118 Rv Pro wordt afgewezen omdat geen rechtsgrond bestaat voor betrokkenheid van derden.
De zaak wordt verwezen naar de rol voor het nemen van een memorie van antwoord door DKW en verdere beslissingen worden aangehouden. De uitspraak betreft een tussenarrest in hoger beroep, waarbij de procedure wordt voortgezet zonder toevoeging van de rechtsopvolger als partij.
Uitkomst: Het hof wijst de verzoeken tot schorsing en oproeping van de rechtsopvolger af en verwijst de hoofdzaak naar de rol voor verdere behandeling.