ECLI:NL:GHAMS:2017:3120
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging aanmaningskosten navorderingsaanslag inkomstenbelasting 2010
Belanghebbende is geconfronteerd met aanmaningskosten van €15 wegens het niet tijdig betalen van een navorderingsaanslag inkomstenbelasting over 2010. Na bezwaar en beroep bij de rechtbank, die het bezwaar ongegrond verklaarde, stelde belanghebbende hoger beroep in tegen deze aanmaningskosten.
Het hof bevestigt dat de aanmaningskosten in overeenstemming zijn met de Invorderingswet 1990 en de Kostenwet invordering rijksbelasting. Belanghebbende erkent de verschuldigdheid van de aanmaningskosten, maar betwist dat deze door hem betaald dienen te worden vanwege het Rijksverzorgingsbeleid voor Ambonezen, gebaseerd op het rapport van de commissie Verweij-Jonker.
Het hof oordeelt dat het Rijksverzorgingsbeleid niet ziet op vrijstelling van aanmaningskosten en dat het hof niet bevoegd is om over de invordering van aanslagen te oordelen. Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel wordt verworpen. De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd en het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep van belanghebbende tegen de aanmaningskosten wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.