Uitspraak
[X]te [plaats] , belanghebbende,
Gerechtshof Amsterdam
Belanghebbende was verplicht om voor de jaren 2012 en 2013 de inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen elektronisch aan te geven vanwege zijn winst uit onderneming en de daaraan verbonden administratieplicht. Ondanks eerdere schriftelijke aangiften heeft hij deze verplichting niet nageleefd, wat leidde tot het opleggen van verzuimboeten door de inspecteur.
De rechtbank oordeelde dat de boeten terecht zijn opgelegd en passend zijn, waarbij de boete voor 2012 ambtshalve werd verminderd. Het beroep tegen de aanslagen zelf werd niet-ontvankelijk verklaard vanwege gebrek aan belang, aangezien de aanslagen ambtshalve waren verminderd.
Het hof bevestigt de uitspraak van de rechtbank, wijst het hoger beroep af en acht de boeten passend en geboden. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is in het openbaar gedaan op 30 november 2017.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de verzuimboeten worden bevestigd.