ECLI:NL:GHAMS:2017:5430
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging WOZ-waarde woning na restauratie en vergelijking met referentieobjecten
Belanghebbende stelde dat de WOZ-waarde van zijn woning te hoog was vastgesteld op €258.000, mede omdat de woning op de waardepeildatum 1 januari 2012 nog niet volledig was gerenoveerd en de oppervlakte kleiner zou zijn dan vastgesteld. Daarnaast voerde hij aan dat de gebruikte vergelijkingsobjecten niet vergelijkbaar waren vanwege bouwmateriaal en ligging.
De rechtbank oordeelde dat de waarde bepaald moet worden naar de staat van de woning op 1 januari 2013, gezien de gedeeltelijke restauratie die toen grotendeels was afgerond. De rechtbank vond dat de WOZ-waarde niet te hoog was vastgesteld en wees de bezwaren af, onder meer omdat de heffingsambtenaar de oppervlakte conform NEN 2850 had gemeten en de vergelijkingsobjecten passend waren geselecteerd.
Het Hof bevestigde dit oordeel, benadrukte dat de restauratiewerkzaamheden een waardevermeerdering opleveren en dat de oppervlaktebepaling volgens een vaste norm geschiedde. Het Hof vond het vergelijkingsobject met een houten constructie voldoende vergelijkbaar en dat de lagere vierkante meterprijs de verschillen in bouw en ligging weerspiegelde. Ook werden de aangevoerde verkooptransacties van andere woningen niet als relevant tegenbewijs erkend.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de WOZ-waarde van €258.000 bevestigd.