Uitspraak
1.De gedingen in hoger beroep
[C] , [D] en [E] (hierna tezamen te noemen: de notarissen) nadere producties ontvangen.
Gerechtshof Amsterdam
De kandidaat-notaris was waarnemer van het notarisambt van een gedefungeerde notaris en werd geschorst na aanhouding in een strafrechtelijk onderzoek naar faillissementsfraude. De voorzitter van de kamer stelde de schorsing en de voorwaarden waaronder waarnemers werden benoemd vast, inclusief honoraria en risicoverdeling.
De kandidaat-notaris betwistte de schorsing en de hoogte van de honoraria, evenals de vraag of de kosten van de notarispraktijk voor zijn rekening en risico moesten komen. Het hof oordeelde dat de schorsing terecht was op grond van artikel 106 lid 1 Wna Pro vanwege het strafrechtelijk onderzoek en de inverzekeringstelling.
Het hof bevestigde dat de notarispraktijk ook na schorsing voor rekening en risico van de kandidaat-notaris werd voortgezet. Het honorarium van €200 per uur voor waarnemers werd gerechtvaardigd geacht gezien de omstandigheden, maar het hof verlaagde het honorarium voor in te schakelen notarieel juristen van €150 naar €100 per uur en bepaalde dat geen honorarium voor reistijd toekomt, behoudens een redelijke reiskostenvergoeding.
De benoeming van waarnemers in de waarneming werd geaccepteerd als passend binnen de Wna. De kandidaat-notaris werd niet-ontvankelijk verklaard voor schorsingen op andere gronden vanwege gebrek aan belang. De herstelbeslissing corrigeerde een fout in de naam van een aanwezige vertegenwoordiger tijdens de zitting.
Uitkomst: De schorsing van de kandidaat-notaris wordt bevestigd en het honorarium voor notarieel juristen verlaagd naar €100 per uur, zonder honorarium voor reistijd.