ECLI:NL:GHAMS:2018:1202
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen ongegrondverklaring klacht over wilsbekwaamheid bij notariële akten
Klagers, kinderen van een ernstig zieke moeder, dienden een klacht in tegen een notaris die akten had gepasseerd waarbij moeder volmacht verleende en haar testament wijzigde, zonder zich voldoende te vergewissen van haar wilsbekwaamheid. De moeder leed aan longkanker met uitzaaiingen in de hersenen en was volgens een onafhankelijke arts medisch gezien niet meer in staat notariële akten op te stellen.
De notaris bezocht moeder en haar partner op 9 november 2016, voerde een rustig gesprek en constateerde geen twijfel aan haar wilsbekwaamheid. Klagers stelden dat moeder wilsonbekwaam was en dat de notaris onzorgvuldig had gehandeld. Het hof overwoog dat de notaris een redelijke beoordelingsvrijheid heeft en dat geen concrete aanwijzingen bestonden dat moeder niet wilsbekwaam was tijdens het passeren van de akten.
Het hof verklaarde klagers niet-ontvankelijk in een nieuwe klacht en bevestigde de eerdere beslissing van de kamer die de klacht ongegrond had verklaard. De notaris handelde volgens het hof zorgvuldig en niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. De beslissing werd in het openbaar uitgesproken op 10 april 2018.
Uitkomst: Het hof bevestigt de ongegrondverklaring van de klacht tegen de notaris en verklaart de nieuwe klacht niet-ontvankelijk.