ECLI:NL:GHAMS:2018:2279
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Geen arbeidsovereenkomst tussen gedetacheerde werknemer en inlener bij tijdelijke andere werkzaamheden
In deze zaak heeft het gerechtshof Amsterdam geoordeeld over de vraag of tussen appellant, een gedetacheerde werknemer, en ING Bank N.V. een arbeidsovereenkomst is ontstaan. Appellant was in dienst bij het detacheringsbureau DPA Compliance & Risk B.V. en verrichtte werkzaamheden voor ING binnen het KYC Client Outreach Project. Vanwege vertraging werd appellant gevraagd tijdelijk andere werkzaamheden te verrichten binnen een andere werkstroom, waaraan hij gehoor gaf.
Appellant stelde dat ING zich schuldig maakte aan een schijnconstructie om werkgeversverplichtingen te omzeilen en dat hij daarom als werknemer van ING moest worden beschouwd. Hij vorderde onder meer vernietiging van ontslag op staande voet, loonbetaling, en een billijke vergoeding. De kantonrechter wees deze verzoeken af omdat geen arbeidsovereenkomst met ING was vastgesteld.
Het hof bevestigde dit oordeel. Het stelde vast dat er een reguliere uitzendovereenkomst tussen appellant en DPA bestond en dat ING geen belang had in DPA. De tijdelijke verrichting van andere werkzaamheden met instemming van appellant leidde niet tot het ontstaan van een arbeidsovereenkomst met ING. De vorderingen van appellant werden daarom afgewezen en hij werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beschikking van de kantonrechter en wijst de vorderingen van appellant af wegens het ontbreken van een arbeidsovereenkomst met ING.