ECLI:NL:GHAMS:2018:4031
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Goedkeuring afwijkend huurbeding met uitstel huurprijsherziening bedrijfsruimte
Achmea en Score zijn partijen in een geschil over de huurprijsherziening van een bedrijfsruimte die Score sinds 2001 huurt van Achmea. In de huurovereenkomst is een afwijkend beding opgenomen (artikel 9.4) dat afwijkt van de wettelijke bepalingen in de artikelen 7:303 en 7:304 BW over huurprijsaanpassing. Achmea verzocht het hof om dit beding goed te keuren en een deskundige te benoemen voor een huurprijsherziening per 1 oktober 2017.
De kantonrechter wees dit verzoek af, waarna Achmea in hoger beroep ging. Het hof oordeelde dat partijen met artikel 9.4 inderdaad beoogden de wettelijke huurprijsherzieningsregels buiten werking te stellen. Score had dit beding vernietigd, maar het hof stelde vast dat Achmea ontvankelijk was in haar verzoek om goedkeuring.
Vanwege eerdere afspraken in 2012 en de gang van zaken rondom huurprijswijzigingen, vond het hof het onaanvaardbaar dat Achmea het beding al per 1 oktober 2017 zou toepassen. Daarom bepaalde het hof dat Achmea pas vanaf 1 augustus 2021 rechten aan het beding kan ontlenen. Het verzoek tot benoeming van een deskundige voor de herziening per 1 oktober 2017 werd afgewezen. De bestreden beschikking werd vernietigd en het beding goedgekeurd met het genoemde uitstel.
Uitkomst: Het hof keurt het afwijkende huurbeding goed, met de beperking dat rechten daaraan pas vanaf 1 augustus 2021 kunnen worden ontleend.