Uitspraak
mr. L.C.J. Sprengers en mr. S. Broens, beiden kantoorhoudende te Utrecht,
mr. M.B. de Witte-van den Haak en mr. I.L.N. Timp, beiden kantoorhoudende te Den Haag.
1.Het verloop van het geding
2.De vaststaande feiten
Belastingdienst (BD)
Belastingdienst/Douane (Douane)
Belastingdienst/FIOD (FIOD)
Immigratie- en Naturalisatiedienst (tNO)
Inspectie SZW (iSZW)
Raad voor de Kinderbescherming (RvdK)
Rijksvastgoedbedrijf (RVB)
VWS/ESTT (ESTT)
VWS/RIVM (RIVM)
ontvangen. Men wil de huisvesting van een aantal onderdelen van het Rijk in Eindhoven concentreren en heeft daartoe een businesscase nader uitgewerkt (Businesscase Masterplan Fellenoord/Eindhoven). Zo heeft men het pand aan de Fellenoord (…) voor 3 jaar gehuurd van een projectontwikkelaar, met de optie van koop. Het gebouw wordt nu verbouwd, zonder dat bekend is welke rijksdiensten daar straks gehuisvest gaan worden. Deze verbouwing is binnen de vergadering van de GOR Rijk d.d. maandag 26 maart 2018 aan de orde gesteld.
3.De gronden van de beslissing
behoudens voor zover het betreft de gevolgen daarvan voor de werkzaamheden van de in de onderneming werkzame personen.”)van toepassing is
.De Ondernemingskamer volgt de GOR Rijk daarin niet. Tussen partijen is niet in geschil dat op dit moment nog niet is besloten welke van de betrokken rijksdiensten te zijner tijd in het pand Fellenoord 15 gevestigd zullen worden, noch wat alsdan de definitieve inrichting van het pand zal zijn. Het in het Memo vervatte besluit strekt immers niet verder dan tot de keuze om in het kader van de verdere ontwikkeling van het pand vooralsnog uit te gaan van een inrichting als standaard rijkskantoor met de bijbehorende kaderstelling. Daarmee heeft het besluit op dit moment nog geen gevolgen voor de werkzaamheden van de bij de betrokken rijksdiensten werkzame personen en is de uitzondering op het bepaalde in artikel 46d aanhef en onder b, WOR (nog) niet van toepassing.