ECLI:NL:GHAMS:2019:4232
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging juiste WOZ-waarde woning ondanks bezwaar belanghebbende
Belanghebbende betwistte de door de heffingsambtenaar vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning te Amsterdam, die was vastgesteld op €272.500 voor het belastingjaar 2017. Na een ongegrond verklaard bezwaar en beroep bij de rechtbank, stelde belanghebbende hoger beroep in bij het Gerechtshof Amsterdam.
Het geschil betrof de juiste waardering van de woning op de waardepeildatum 1 januari 2016. Belanghebbende stelde een lagere waarde van €241.000 voor, onderbouwd met een taxatierapport en vergelijkingsobjecten. De heffingsambtenaar handhaafde de hogere waarde, gesteund door drie vergelijkingsobjecten met recente transacties.
Het hof oordeelde dat de heffingsambtenaar geen termijnoverschrijding had begaan bij het indienen van aanvullende stukken en dat een verzwaarde bewijslast niet van toepassing was. Het hof nam de door belanghebbende overgelegde stukken mee in de beoordeling, maar vond dat de heffingsambtenaar voldoende rekening had gehouden met verschillen tussen de woning en de vergelijkingsobjecten, zoals de staat van onderhoud en voorzieningen.
De rechtbank had ten onrechte geen acht geslagen op het taxatierapport van belanghebbende, maar dit leidde niet tot een ander oordeel. Het hof verwierp de stelling dat een vergoeding voor de VvE in de koopsom van een vergelijkingsobject moest worden afgetrokken wegens onvoldoende bewijs. De WOZ-waarde werd als juist vastgesteld en het hoger beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de WOZ-waarde van €272.500 bevestigd.