In hoger beroep heeft het gerechtshof Amsterdam het vonnis van de politierechter vernietigd en de verdachte veroordeeld voor heling van een fiets op 5 juli 2018 in Amsterdam. De verdachte had een fiets verworven en voorhanden gehad terwijl hij redelijkerwijs moest vermoeden dat het een door misdrijf verkregen goed betrof.
Het hof achtte wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte zich schuldig had gemaakt aan schuldheling, maar sprak hem vrij van overige tenlasteleggingen. De strafbaarheid van het bewezenverklaarde en van de verdachte werd bevestigd.
De politierechter had een geldboete van €300 subsidiair 6 dagen hechtenis opgelegd. De advocaat-generaal vorderde een hogere geldboete van €450 subsidiair 9 dagen hechtenis. Het hof legde een geldboete van €300 en 6 dagen hechtenis op, gelet op de ernst van het feit, de bijdrage aan de afzetmarkt van gestolen fietsen en het gebrek aan respect voor eigendomsrechten.
De straf is gebaseerd op de artikelen 23, 24, 24c en 417bis van het Wetboek van Strafrecht. Het arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 24 oktober 2019.