ECLI:NL:GHAMS:2020:1017
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over gefixeerde schadevergoeding bij ontslag wegens creditcardfraude
De werknemer, sinds 2006 in dienst bij ICS als Medewerker Collections, werd op staande voet ontslagen wegens het plegen van creditcardfraude. Hij had in de periode maart tot en met december 2018 bij ten minste vijf kaarthouders ongeautoriseerde wijzigingen doorgevoerd, waardoor hij € 24.590,- aan contant geld onttrok en op zijn eigen rekening stortte.
De werknemer voerde in hoger beroep aan dat hij met zijn handelen een intern 'lek' binnen ICS zichtbaar wilde maken om incassokosten bij klanten te voorkomen. Het hof oordeelde echter dat deze stelling onvoldoende is onderbouwd en dat het gedrag van de werknemer opzet of schuld inhoudt, wat een dringende reden vormt voor ontslag op staande voet.
De hoogte van de gefixeerde schadevergoeding werd vastgesteld op € 9.967,93, gebaseerd op een opzegtermijn van twee maanden. Verzoeken tot matiging vanwege reorganisatie of vermeend dralen van ICS werden afgewezen. Het hof bekrachtigde de beschikking van de kantonrechter en veroordeelde de werknemer in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het ontslag op staande voet en veroordeelt werknemer tot betaling van de gefixeerde schadevergoeding van € 9.967,93.