Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
Jeugdbescherming Regio Amsterdam,
Jeugdbescherming Regio Amsterdam,
Gerechtshof Amsterdam
In deze civiele zaak staat de ontvankelijkheid van de vader zonder gezag centraal in hoger beroep tegen beschikkingen tot ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing van zijn minderjarige dochter.
De moeder oefent het gezag uit en de vader heeft de dochter erkend. De dochter verblijft sinds maart 2020 in een pleeggezin. De kinderrechter heeft ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing bevolen. Zowel moeder als vader zijn in hoger beroep gekomen tegen deze beschikkingen.
Het hof overweegt dat de vader geen belanghebbende is bij de ondertoezichtstelling omdat deze maatregel zijn rechten niet rechtstreeks raakt, conform eerdere jurisprudentie. Echter, de machtiging tot uithuisplaatsing raakt het gezinsleven van de vader direct en ingrijpend, waardoor hij als belanghebbende wordt aangemerkt en ontvankelijk is in hoger beroep voor dit onderdeel.
Het hof nodigt de raad, de gecertificeerde instelling en de moeder uit tot het indienen van een verweerschrift tegen het hoger beroep van de vader voor de uithuisplaatsing. Een gezamenlijke zitting wordt gepland, waarbij partijen in persoon dienen te verschijnen.
Uitkomst: Vader is niet ontvankelijk in hoger beroep tegen ondertoezichtstelling maar wel ontvankelijk tegen machtiging tot uithuisplaatsing.