Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.[opdrachtgever sub 1] ,
1.Het geding in hoger beroep
2.Feiten
Mehrkosten [Y] (bereits berechnet) 949,03.
Gerechtshof Amsterdam
Partijen sloten in juli 2010 een aannemingsovereenkomst voor de bouw van een woning. De oorspronkelijke aannemer ging failliet waarna de appellant, een Duitse aannemer, de bouw overnam. In februari 2015 bleek dat de schutbuizen onder de woning verzakt waren, waardoor glasvezelkabel niet kon worden aangelegd. De opdrachtgever stelde de aannemer aansprakelijk en sommeerde herstel.
De aannemer voerde aan dat zij niet verantwoordelijk was voor de aanleg van de schutbuizen en dat de opdrachtgever zelf werkzaamheden had verricht. Het hof stelde vast dat de aannemer als hoofdaannemer verantwoordelijk was voor de juiste aanleg van de schutbuizen, ook omdat zij de fundering moest afbouwen waaraan de buizen bevestigd moesten worden.
De aannemer kon geen beroep doen op artikel 7:758 lid 3 BW Pro omdat de opdrachtgever niet bekend was met het gebrek bij oplevering en gerechtvaardigd mocht afgaan op de mededelingen van de aannemer. De opdrachtgever wijzigde haar vordering in schadevergoeding, die het hof toewijst op basis van offertes van herstelwerkzaamheden. De aannemer wordt veroordeeld tot betaling van €10.929 plus rente en proceskosten.
Uitkomst: De aannemer wordt veroordeeld tot betaling van €10.929 schadevergoeding wegens onjuiste aanleg van schutbuizen.