ECLI:NL:GHAMS:2020:3306
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vonnis en afwijzing vordering wegens niet-nakoming en schadevergoeding in verzekeringszaak
In deze civiele procedure in hoger beroep staat de aansprakelijkheid van [X] en [Y] jegens Stichting Jufo centraal wegens vermeende niet-nakoming van een informatieplicht uit een overeenkomst van 11 januari 2012. De stichting vordert vergoeding van schade die zij stelt te hebben geleden door het achterhouden van een e-mail en een beslissing van het Klachteninstituut Financiële Dienstverlening (KiFiD).
De feiten betreffen een inbraak in de woning van [X] en [Y] in 2009, gevolgd door een taxatie van de schade en een uitkering door de verzekeraar Delta Lloyd. [X] en [Y] hebben hun schadeclaim overgedragen aan de stichting. De stichting startte een procedure tegen Delta Lloyd en vordert nu vergoeding van de kosten van de behandeling van die vordering van [X] en [Y], stellende dat zij cruciale informatie achterhielden.
Het hof oordeelt dat de stichting onvoldoende heeft bewezen dat de e-mail niet is verstrekt en dat het ontbreken daarvan tot schade heeft geleid. Bovendien is de e-mail gericht aan de eigen taxateur en geen schikking met Delta Lloyd. De stichting had bovendien kennis kunnen nemen van de beslissing van het KiFiD. Gelet op de omstandigheden en eigen fouten van de stichting vervalt de vergoedingsplicht van [X] en [Y] op grond van de billijkheidscorrectie (art. 6:101 lid 1 BW Pro).
Het hof vernietigt het vonnis van de kantonrechter, wijst de vordering van de stichting af en veroordeelt de stichting in de kosten van beide instanties. Tevens worden de incidentele vorderingen van [X] en [Y] niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het hof wijst de vordering van de stichting af en vernietigt het vonnis van de kantonrechter.