ECLI:NL:GHAMS:2021:4448
Gerechtshof Amsterdam
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen raadsheer in nalatenschapsklachtprocedure
Verzoekster diende een wrakingsverzoek in tegen raadsheer [naam 5], voorzitter van de zittingscombinatie die twee zaken behandelt over klachten tegen notaris Van de Oudeweetering in een nalatenschapskwestie. Verzoekster stelde dat [naam 5] niet onbevooroordeeld kon zijn omdat zij eerder een zaak behandelde tegen een andere notaris in hetzelfde feitencomplex.
De wrakingskamer overwoog dat de onpartijdigheid van een rechter wordt vermoed en dat alleen uitzonderlijke omstandigheden tot toewijzing van wraking kunnen leiden. [naam 5] had niet deelgenomen aan de zittingscombinaties die de eerdere beslissingen in de huidige zaken namen. De vermeende samenhang tussen de zaken rechtvaardigt geen twijfel aan haar onpartijdigheid.
Ook klachten over de eerdere zitting van 9 januari 2020, waarop [naam 5] onvoldoende vragen zou hebben gesteld en de zitting langdurig werd geschorst, zijn onvoldoende om een gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid aan te nemen.
Daarom wees het hof het wrakingsverzoek af. De beslissing werd op 16 november 2021 door het gerechtshof Amsterdam uitgesproken in aanwezigheid van de genoemde raadsheren en griffier.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen raadsheer [naam 5] is afgewezen wegens gebrek aan objectieve gronden voor twijfel aan haar onpartijdigheid.