ECLI:NL:GHAMS:2021:589
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens gebrekkige volmacht
In deze strafzaak is hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de politierechter waarin verdachte werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van zeven dagen. De volmacht voor het instellen van het hoger beroep voldeed echter niet aan de wettelijke eisen, omdat niet was opgenomen dat verdachte instemde met de ontvangst van de oproeping door een medewerker van de griffie.
Tijdens de terechtzitting in hoger beroep verscheen noch verdachte, noch een gemachtigde raadsman. Het hof oordeelde dat de verdachte daarom niet-ontvankelijk moest worden verklaard in het hoger beroep. Er waren geen omstandigheden aanwezig die het gebrek in de volmacht konden rechtvaardigen of de niet-ontvankelijkverklaring konden voorkomen.
Het hof heeft de vordering van de advocaat-generaal tot bevestiging van de oorspronkelijke straf in eerste aanleg overgenomen en het hoger beroep afgewezen wegens niet-ontvankelijkheid. Dit arrest is uitgesproken door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 1 september 2020.
Uitkomst: Verdachte wordt niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens een gebrekkige volmacht.