ECLI:NL:GHAMS:2021:594
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing incidentele vordering niet-ontvankelijkheid consument in koop geschil boxspringset
Appellante kocht eind 2012 een Auping boxspringset van geïntimeerde, die begin 2013 werd geleverd. Appellante stelde dat de geleverde boxspringset niet aan de overeenkomst voldeed en vorderde ontbinding van de koopovereenkomst, terugbetaling van het aankoopbedrag en schadevergoeding. De kantonrechter wees deze vorderingen af.
Geïntimeerde stelde in een incident dat appellante niet-ontvankelijk was in haar vordering omdat zij het geschil eerst aan de Geschillencommissie Wonen had moeten voorleggen, zoals bepaald in de toepasselijke algemene voorwaarden. Het hof oordeelde dat deze bepaling slechts een mogelijkheid biedt en geen verplichting inhoudt voor de consument om eerst de Geschillencommissie te benaderen.
Daarom wees het hof de incidentele vordering af en verwees de hoofdzaak naar de rol voor memorie van antwoord. Geïntimeerde kreeg een termijn van vier weken voor het dienen van antwoord, waarbij geen uitstel meer zal worden verleend. De beslissing over de kosten van het incident wordt aangehouden totdat in de hoofdzaak een eindarrest is gewezen.
Uitkomst: De vordering tot niet-ontvankelijkheid van appellante wordt afgewezen en de hoofdzaak wordt verwezen naar de rol voor memorie van antwoord.