Uitspraak
1.[klager 1] ,
[klager 2],
1.De zaak in het kort
2.Het verdere geding in hoger beroep
3.Beoordeling
- de notaris wist dat [Y] – niet zelfstandig – in een zorgcentrum woonde;
- de notaris de akte niet “onder vier ogen” met [X] respectievelijk [Y] heeft doorgenomen, maar in aanwezigheid van [A] en [B] , ook al was dit met de instemming van [X] en [Y] ;
- in de koopovereenkomst [A] als contactpersoon van [X] en [Y] wordt genoemd.