ECLI:NL:GHAMS:2022:2584
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep kort geding
- Rechtspraak.nl
Geen totstandkoming huurovereenkomst bedrijfsruimte na onderhandelingen
In deze zaak vorderden appellanten dat geïntimeerde hen het hotel en bijbehorende bedrijfsruimte zou verhuren, stellende dat op 29 oktober 2021 een huurovereenkomst tot stand was gekomen of dat zij het aanbod van die datum later rechtsgeldig hadden aanvaard. Het hof stelt vast dat partijen sinds april 2021 onderhandelden over een nieuwe huurovereenkomst, waarbij onder meer de huurvrije periode, de duur van de verbouwing en de vraag wie de huurder zou zijn (privépersonen of een BV) onderwerp van discussie waren.
De rechtbank had de vordering van appellanten afgewezen omdat de onderhandelingen na 29 oktober 2021 waren verzuurd en geen definitieve overeenstemming was bereikt. Het hof bevestigt dit oordeel en wijst erop dat appellanten nooit uitdrukkelijk akkoord gingen met het aangepaste voorstel van geïntimeerde, onder meer vanwege het ontbreken van een huurvrije periode en de onzekerheid over het due diligence onderzoek.
Verder oordeelt het hof dat geïntimeide het voorstel van 29 oktober 2021 op 17 januari 2022 rechtsgeldig heeft herroepen en dat een latere aanvaarding door appellanten geen effect heeft. De vordering tot nakoming wordt daarom afgewezen en het bestreden vonnis bekrachtigd. Appellanten worden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof wijst de vordering tot nakoming van de huurovereenkomst af en bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter.