Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het geding in hoger beroep
2.Feiten
- ii) [geïntimeerde] die woonachtig is in [land], heeft op 25 mei 2016 [appellant] verzocht hem bij te staan in gerechtelijke procedures betreffende een verdeling van een nalatenschap en een arbeidsgeschil.
- iii) Ten behoeve van deze opdracht hebben partijen op 25 mei 2016 een overeenkomst gesloten waarin een rechtskeuzebeding is opgenomen inhoudende dat geschillen tussen hen worden beslecht door de rechtbank Amsterdam.
- iv) [appellant] heeft de werkzaamheden verricht in de periode 2016-2019. Hiervoor heeft hij twee declaraties met een totaalbedrag van € 5.192,84 inclusief btw bij [geïntimeerde] in rekening gebracht.
- v) Ondanks herhaalde sommaties en aanmaningen heeft [geïntimeerde] de declaraties onbetaald gelaten.