ECLI:NL:GHAMS:2024:1831
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Ontbinding bouwovereenkomst en terugvordering betaalde bedragen wegens verzuim opdrachtnemer
Partijen sloten een overeenkomst waarbij de opdrachtnemer bouwwerkzaamheden verrichtte in het pand van de opdrachtgever. De opdrachtgever stelde dat de opdrachtnemer in verzuim was omdat hij de werkzaamheden uit een offerte niet volledig en deugdelijk had uitgevoerd. Na ingebrekestelling en sommatie bleef de opdrachtnemer in gebreke, waarna de opdrachtgever de overeenkomst ontbond en terugbetaling van betaalde bedragen en schadevergoeding vorderde.
In eerste aanleg werd de vordering integraal toegewezen omdat de opdrachtnemer geen verweer voerde. In hoger beroep voerde de opdrachtnemer drie grieven aan: betwisting van de ontbinding en schadevergoeding, en een beroep op verrekening. Het hof oordeelde dat de ontbinding terecht was, omdat de opdrachtnemer onvoldoende had gesteld en bewezen wat de waarde van de verrichte werkzaamheden was. Het hof ging uit van een eerder door de opdrachtgever genoemde waarde van de uitgevoerde werkzaamheden en wees de terugbetaling en ontbindingsschade toe.
De door Dekra geraamde herstelkosten werden als redelijk beoordeeld, evenals de kosten van het deskundigenrapport. Het beroep op verrekening werd afgewezen wegens gebrek aan specificatie en omdat de overeenkomst was ontbonden. De kosten van het geding werden gecompenseerd. Het hof vernietigde het bestreden vonnis voor zover het een hoger bedrag toekende dan het toegewezen bedrag.
Uitkomst: Het hof wijst de ontbinding toe en veroordeelt de opdrachtnemer tot terugbetaling van € 11.574,46 met rente, en compenseert de proceskosten.