Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.De zaak in het kort
2.Het geding in hoger beroep
.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Amsterdam
De betrokkene verzocht om opheffing van het bewind over zijn goederen, ingesteld wegens zijn lichamelijke of geestelijke toestand. De kantonrechter had dit verzoek op 7 december 2023 afgewezen omdat de betrokkene nog steeds bescherming nodig heeft tegen misbruik.
In hoger beroep betoogde de betrokkene dat hij zijn financiële belangen zelf kan behartigen, mede omdat hij werkt, een koopwoning bezit en geen schulden heeft. Hij ervaart het bewind als een disproportionele inbreuk op zijn persoonlijke levenssfeer en wijst op een onterechte psychiatrische diagnose in het verleden.
De bewindvoerder stelde dat de betrokkene ondanks een zelfredzaamheidstraject zijn geld te makkelijk uitgeeft en kwetsbaar blijft voor misbruik, wat recentelijk nog bleek tijdens een vakantie. Daarnaast staat de betrokkene per september 2024 een inkomensval te wachten.
Het hof concludeert dat de betrokkene onvoldoende heeft aangetoond dat de noodzaak voor het bewind is komen te vervallen. Het bewind blijft noodzakelijk ter bescherming van zijn financiële belangen. Daarom wordt het bestreden besluit bekrachtigd en het bewind gehandhaafd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beschikking en wijst het verzoek tot opheffing van het bewind af vanwege aanhoudende kwetsbaarheid en risico op financieel misbruik.