Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.de ontvanger van de Belastingdienst,de ontvanger, en
de Staat (de Minister van Justitie en Veiligheid), de Staat.
1.Het geding in hoger beroep
- verklaart het beroep niet-ontvankelijk voor zover het beroep betrekking heeft op het niet vergoeden van invorderingsrente;
- verklaart zich onbevoegd voor het overige;
- veroordeelt de Staat (de Minister van Justitie en Veiligheid) tot vergoeding van immateriële schade aan [belanghebbende], vastgesteld op een bedrag van € 1.000; en
- draagt de Staat (de Minister van Justitie en Veiligheid) op het betaalde griffierecht van € 354 aan [belanghebbende] te vergoeden.”
2.Feiten
3.Geschil in hoger beroep
4.De overwegingen van de rechtbank
Beoordeling van het geschil
[respectievelijk: 16 december 2019, 9 december 2019 en 13 februari 2020].
5.Beoordeling
6.Kosten
7.Beslissing
- bevestigt de uitspraak van de rechtbank, en
- beslist dat, indien de Staat de immateriële schade van € 1.000 en het voor de behandeling van het beroep betaalde griffierecht van € 354 niet tijdig heeft vergoed, de wettelijke rente daarover is gaan lopen vier weken nadat de rechtbank haar uitspraak heeft gedaan.
de Hoge Raad der Nederlanden via het webportaal van de Hoge Raad www.hogeraad.nl.
de Hoge Raad der Nederlanden (belastingkamer), postbus 20303, 2500 EH Den Haag. Alle andere personen en gemachtigden die beroepsmatig rechtsbijstand verlenen, zijn in beginsel verplicht digitaal te procederen (zie www.hogeraad.nl).
de Hoge Raad der Nederlanden (belastingkamer), postbus 20303, 2500 EH Den Haag.