ECLI:NL:GHAMS:2024:707
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging opheffing vereffening nalatenschap ondanks geschil tussen vereffenaars
Het geschil betreft de opheffing van de vereffening van de nalatenschap van de overleden erflater, waarbij de twee gezamenlijke vereffenaars, de erfgenamen, het niet eens zijn over de afwikkeling. Verzoekster heeft de opheffing van de vereffening ingediend zonder instemming van de tweede vereffenaar, die dit betwistte en stelde dat de vereffening nog niet kon worden opgeheven vanwege onduidelijkheden over baten en schulden.
De kantonrechter heeft de opheffing van de vereffening bevolen, waarbij de vereffeningskosten op nihil zijn vastgesteld. Het hof oordeelt dat de kantonrechter terecht verzoekster ontvankelijk heeft verklaard ondanks het ontbreken van gezamenlijke indiening, gelet op het geschil en de betrokkenheid van beide vereffenaars in de procedure.
De vereffenaar die het verzoek indiende heeft voldoende onderbouwd dat alle schulden zijn voldaan en dat de nalatenschap slechts geringe baten bevat. De tegenargumenten van de andere vereffenaar betreffen vooral verdelingsgeschillen die in een aparte procedure aan de orde dienen te komen. Het hof bekrachtigt daarom de beschikking van de kantonrechter en wijst de proceskostenverzoeken af.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beschikking tot opheffing van de vereffening van de nalatenschap ondanks het geschil tussen de vereffenaars.