In deze civiele zaak heeft appellante in hoger beroep verzocht om machtiging tot vervanging van haar voordeur op kosten van de VvE, nadat zij jarenlang klachten had over tocht. Partijen hadden in mei 2020 een vaststellingsovereenkomst gesloten waarin zij zich gebonden verklaarden aan een bindend advies van EBNoord over de staat van de voordeur.
EBNoord concludeerde in februari 2021 dat vervanging niet gerechtvaardigd was. Appellante liet later rapporten van BIJN.nl opstellen die gebreken aan de deur constateerden, maar EBNoord zag geen aanleiding haar advies te herzien. De VvE was niet betrokken bij deze partijrapporten.
De kantonrechter verklaarde appellante niet-ontvankelijk omdat zij aan het bindend advies gebonden is. Het hof bevestigt dit oordeel, oordeelt dat de feitelijke situatie niet zodanig is gewijzigd dat het bindend advies niet langer geldt, en wijst het verzoek van appellante af. Appellante wordt veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.