Uitspraak
1.De zaak in het kort
2.Het geding in hoger beroep
3.Feiten
4.Beoordeling
(…)
Gerechtshof Amsterdam
In deze civiele zaak gaat het om effectenleaseovereenkomsten die door de echtgenote van de afnemer zijn vernietigd op grond van artikel 1:88 en Pro 1:89 BW. De afnemer had de overeenkomsten zonder schriftelijke toestemming van zijn echtgenote gesloten. De echtgenote stelde dat de verjaring van haar vordering uit onverschuldigde betaling tijdig was gestuit door brieven van Leaseproces, een gevolmachtigde.
Het hof bevestigt dat de effectenleaseovereenkomsten rechtsgeldig zijn vernietigd en dat de verjaringstermijn van vijf jaar is gestuit door de stuitingsbrieven van Leaseproces. De afnemer had niet tijdig om bewijs van volmacht gevraagd, waardoor het beroep op artikel 3:71 BW Pro faalt. De volmacht werd bovendien niet herroepen.
Daarmee wordt het verjaringsverweer van de afnemer verworpen en is deze gehouden tot terugbetaling van de betaalde bedragen. Het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter en veroordeelt de afnemer in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bevestigt de vernietiging van de effectenleaseovereenkomsten en oordeelt dat de verjaring van de vordering tijdig is gestuit, waardoor het verjaringsverweer wordt verworpen.