Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.De zaak in het kort
2.Het geding in hoger beroep
3.Feiten
4.Beoordeling
(…)
€ 1.214,00(tarief II, 1 punt)
Gerechtshof Amsterdam
De zaak betreft een hoger beroep van Dexia Nederland B.V. tegen een vonnis van de kantonrechter Amsterdam over de effectenleaseovereenkomst die door de echtgenote van de afneemster is vernietigd op grond van artikel 1:88 en Pro 1:89 BW.
De kern van het geschil is of Leaseproces gemachtigd was om namens de echtgenote de verjaring van de vordering uit onverschuldigde betaling te stuiten. Het hof stelt vast dat de effectenleaseovereenkomst inderdaad is vernietigd en dat de verjaringstermijn van vijf jaar is gestuit door brieven van Leaseproces uit 2012 en 2016, welke ook betrekking hadden op de echtgenote.
Dexia voerde aan dat de volmacht aan Leaseproces niet rechtsgeldig was en dat de stuitingsbrieven geen rechtsgevolg hadden. Het hof verwierp deze stellingen omdat Dexia niet tijdig om bewijs van volmacht had gevraagd en Leaseproces de volmacht niet had herroepen.
Het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter en veroordeelt Dexia in de proceskosten. Dexia is gehouden tot terugbetaling van hetgeen zij uit hoofde van de effectenleaseovereenkomst heeft ontvangen.
Deze uitspraak bevestigt de bescherming van de echtgenote tegen effectenleaseovereenkomsten zonder haar toestemming en benadrukt het belang van tijdige stuiting van verjaring door een gevolmachtigde.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de vernietiging van de effectenleaseovereenkomst en oordeelt dat de verjaring tijdig is gestuit door een gevolmachtigde namens de echtgenote.