Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.[geïntimeerde 1] B.V.,
[geïntimeerde 2],
[geïntimeerde 3],
Gerechtshof Amsterdam
Een aannemer verkocht onroerende zaken aan een zustervennootschap van een onderaannemer vanwege een zakelijke schuld. De koopovereenkomst was voorzien van een handtekening van de echtgenote van de aannemer, die deze handtekening betwistte en de overeenkomst vernietigde. De wederpartij vorderde nakoming van de overeenkomst.
Het hof oordeelde dat de overeenkomst nietig is voor zover die ziet op de echtelijke woning, omdat de toestemming van de echtgenote ontbrak en de wederpartij niet te goeder trouw was in de zin van artikel 1:89 lid 2 BW Pro. Voor de overige bedrijfsmatig gebruikte onroerende zaken blijft de overeenkomst echter in stand, omdat deze niet in onverbrekelijk verband staan met het nietige deel.
De partijen hadden geen specifieke koopprijs afgesproken voor de bedrijfsmatig gebruikte delen, maar het hof bepaalde dat deze overdracht moet plaatsvinden voor een nader te bepalen prijs, met een terugkoopoptie binnen vijf jaar. De geïntimeerden werden veroordeeld tot medewerking aan de overdracht en tot betaling van proceskosten.
Uitkomst: De koopovereenkomst is nietig voor de echtelijke woning, maar blijft in stand voor de bedrijfsmatig gebruikte onroerende zaken met veroordeling tot overdracht.